22 juli 2022

GR 16: de ontbrekende schakels

JAMOIGNE – CHASSEPIERRE

BOHAN – MONTHERME

Juni 2022,

Met mijn schoonzoon ga ik terug een weekje stappen om de route langs de Semois af te maken.

Het is een uitzonderlijk droog voorjaar geweest in tegenstelling tot het jaar voordien.
Dus veel regenkledij moesten we niet meenemen, hoewel in de Ardennen voorzie je toch best een apart plaatsje in je valies.
Achteraf gezien was het helemaal niet nodig.
Tijdens onze wandelweek waren de temperaturen zomers!

We kiezen terug voor ons beproefde systeem om de transferts tussen start en aankomst met de fiets te doen.
Dus, even recapituleren:

We rijden met het busje naar de aankomstplaats, springen op onze fiets om naar start te rijden en wandelen de bedoelde etappe.
Bij aankomst hoeven we geen fysieke inspanningen meer te leveren, we nemen het busje om de fietsen op te halen en rijden terug naar de centrale verblijfplaats.

Het eerste Belgische luik, Jamoigne – Chassepierre, hebben we verdeeld in 3 etappes tussen 12 en 14 kilometer.

Etappe 1: Jamoigne – Chiny
Etappe 2: Chiny – Florenville
Etappe 3: Florenville – Chassepierre

Het gedeelte in Frankrijk langs de Semoy (inderdaad hier verandert de schrijfwijze), hebben we in 2 etappes verdeeld die iets korter waren vanwege de warmte en de moeilijkheidsgraad.

Etappe 1: Bohan – Naux
Etappe 2: Tournavaux – Monthermé

Tijdens onze transfert van België naar Frankrijk hadden we nog wat tijd over om een mooie luswandeling te ondernemen van Monthermé naar Château Regnault.

ZIN OM REEDS EEN KIJKJE TE NEMEN IN DE FOTO’S

Klik,op onderstaande link

FOTO'S GR 16 CHINY – FRANKRIJK

Ben je dan toch zo’n CURIEUZENEUS die wat meer leest over de streek waar straks zijn wandelpad langs passeert?

Een sappig verhaal, wat cultuur, een vleugje geschiedenis,

KLIK DAN OP ONDERSTAANDE KNOP

CURIEUZENEUS GR 16 FRANKRIJK

De Belgische schakel

ETAPPE 1

Jamoigne – Chiny

Als aankomstplaats kiezen we om de auto te parkeren ietwat stroomafwaarts Chiny.
In de Rue de l’ Embarcadère vinden we er enkele parkeerplaatsen voor ons busje nabij het Hotel
“Les Comtes de Chiny”, vlakbij de Semois.
Interessant is dat het voetgangersbrugje direct op de GR aansluit.

Terugfietsen naar de startplaats van de wandeling in Jamoigne begint vanaf hier al met een heel nijdig klimmetje.
Om die reden kun je er eventueel voor kiezen om de auto te parkeren langs de grote weg N 894.
Bedenk wel dat je straks bij aankomst te voet dan wel hetzelfde klimmetje moet ondernemen.

Wij hijgden ons naar boven en gingen zelfs een stukje te voet tot bij de N 894.
Rechtsaf naar beneden richting Florenville om wat verder linksaf de N 840 te nemen richting Izel.
Bij de eerste huizen van Izel linksaf richting Moyen, staat trouwens aangeduid als aangewezen fietsroute naar Jamoigne.
Bij een houtzagerij linksaf om dan schuin rechtsaf een aarden weg in te rijden, Chemin du Brugeland tot Jamoigne.

Nabij het kasteel enkele parkeerplaatsen voor fietsen naast de bibliotheek.

Afstand: 11 Km.
Tijd: 45 Minuten.

Startpunt van de etappe is het kasteel de la Faille.

Het eerste gedeelte tot zo’n 2 Km voorbij Moyen, wandel je in een typisch Gaumelandschap.
Weinig hoogteverschillen, kleine bosjes wisselen af met velden.

Bemerk net bij het verlaten van Moyen de passerelle over een stukje laaggelegen gebied, die enkele huizen aan de overkant met het dorpje verbindt.
Het is een soort noodbrugje zodat de mensen het dorpje kunnen bereiken tijdens lange periodes neerslag.

Langs de Vierre tot aan de barrage ontdek je een wild stukje natuur die meer Ardennen is dan Gaume.

Nabij Chiny kom je bij de bekende “Pont St Nicolas”.

Tot Moyen, geen noemenswaardige hoogteverschillen.
Daarna gezapig naar omhoog in Het Fôret de Chiny en normaal gezien genoeg haalbaar voor iedere wandelaar.

Voor extra info over Lotharingen in het algemeen en de rol van de graven van Chiny in het bijzonder, verwijzen we naar onze rubriek CURIEUZENEUS.

Lengte van de etappe is 16 Km.
Dit betekent 4 uur stappen + 2 uur extra voor pauzes.
Achteraf gezien hadden we misschien de aankomststreep beter aan de Pont Nicolas getrokken, dan was deze etappe een 3-tal kilometer korter.
Dan kom je voor deze etappe aan 13 kilometer en komt de volgende (korte) etappe wat meer in balans met deze qua afstand.

Het hoogste punt op de wandeling is 424 meter en zal zich ongeveer rond de stuwdam op de Vierre situeren.

Totaal aantal hoogtemeters ongeveer 300 meter, waarvan 145 meter hoogteverschillen te overbruggen.

Je wandelt voor ongeveer 80% langs onverharde wegen.
Asfalt maakt hoop en al zo’n 2 kilometer uit van het parcours.

Samenvattend kunnen we deze etappe omschrijven als landelijk in het eerste deel en zeer bosrijk in het tweede gedeelte.

ETAPPE 2

Chiny – Lacuisine – Florenville

De auto wordt achtergelaten aan een kruispuntje met bushalte TEC ten noorden van Florenville op weg naar Martué (Rue de la Culée), zie kaartje.

We fietsen eerst over de Semois naar Martué en verder naar Lacuisine.
Bij de wat drukkere N85 nabij de kerk rechtsaf naar beneden.
Net buiten de dorpskom linksaf richting Chiny de N 894 nemen om zo terug bij de aankomstplaats van gisteren aan te komen.

Afstand slechts 7-tal Kilometer, met wat gezapig klimwerk tussen Lacuisine en Chiny

Startplaats is het voetgangersbrugje over de Semois nabij Hotel des Comtes de Chiny.

Uitzichtpunten op de Semois vind je in het gedeelte naar Lacuisine.

Dit gedeelte van de GR is trouwens het meest spectaculaire en bosrijke.

Na een 100 tal meter hoogteverschil te hebben overbrugt, kom je bij “Rocher de l’écureuil”, waar je een panorama wordt aangeboden op een smalle meander van de Semois.

Eventjes links weg van de GR kom je bij een ander uitzichtpunt, dat van “Rocher Pinco”.

Na Lacuisine, kom je weer in de typische landelijke Gaume terecht, velden, stukjes bos en enkele mooie dorpjes.

Vooral Martué is echt authentiek te noemen.
De typische Gaumehuizen, met de zogenaamde “usoir”, een brede strook tussen straatkant en woning om er hout te stockeren, karren te parkeren en een plaats voor de mesthoop.
Verder vind je er een kapel van St Rochus met een merkwaardige “Jacobus de Morendoder”, boven de ingang.
Het middeleeuwse gerchtigheidskruis.
Even buiten het dorpje, de mooie brug over de Semois een plekje om even stil te staan en van waaruit alweer de toren van Florenville boven de heuvel uitsteekt.

Het steilste klimmetje leidt je naar Rocher de l’ écureuil, zo’n 100 meter hoogteverschil.

De laatste 200 meter afdaling naar de Semois nabij Lacuisine gaan vrij steil naar beneden.

Wat meer info over het gerechtigheidskruis in Martué en meer bepaald over de toenmalige “Wet van Beaumont”, lees je in rubriek CURIEUZENEUS.

Deze etappe is een kortje, slechts 8 Km.
Je kan dus je eerste etappe inkorten, zodat je met deze etappe start aan de Pont St Nicolas iets ten oosten van Chiny.
In dit geval wordt deze etappe verlengd met een 3 tal kilometer en kom je aan een 11 Km.

Qua paden alweer weinig asfalt, ongeveer 2,5 Km rustige wegen.
Tot Lacuisine bijna 100 % bospaden.

ETAPPE 3

Florenville – Chassepierre

In het centrum van Florenville is er genoeg mogelijkheid om het autootje te parkeren.
Van hieruit fietsen we via landelijke wegen naar Florenville.

Van Chassepierre nemen we de steile klim zuidwest richting N 83, via de Rue Antoine.
Een mooi uitzichtpunt over de Gaume vind je wanneer je eventjes rechts gaat en de N 83 richting Ste Cécile volgt. Na zo’n 500 meter verder op je rechterkant kun je van hieruit al eventjes genieten.

Keer terug naar Chassepierre en sla dan net vóór de brug onder de N 83 rechtsaf, om op de cuesta een rustig landwegje te volgen richting Florenville. Dit baantje volgt de hele tijd parallel de drukke N 83 en is een heel rustig fietsalternatief naar Florenville.

Ongeveer een 5 tal kilometer fietsen.

Wij stopten zo’n kilometer vóór Florenville waar aan de rand van een bosje een kruis staat neergepoot en een zitbank staat opgesteld.
Fietsen aan een boom vastgebonden, we volgen het asfaltwegje naar beneden en komen weldra op de GR 16, die aan de bosrand van rechts op het dalende landwegje uitkomt.

Veldwegen in het eerste en laatste gedeelte.
Bospaden langs de Semois in het middendeel.
Vanaf la ferme de Froidsvents kom je in het bosrijke gedeelte, eerst laryx dan loofbos.
Heel rustig en zeer mooi stuk langs de Semois, met een klimmetje naar een uitzichtpunt.

Een klein klimmetje langs de Semois.
Wat meer klimmen om vanaf de Semois naar la Redoute Gréa te wandelen, slechts 60 meter overwinnen op 1 kilometer stelt nu ook niet zoveel voor.
Dus eigenlijk geen noemenswaardige hoogteverschillen.

Een tochtje van in totaal dikke 12 kilometer.
Zoals vermeld wat meer asfalt, ongeveer 5 kilometer in totaal, dus 7 Km paden.

DE FRANSE SCHAKEL


ETAPPE 1

Bohan – Naux

In Naux is er plaats voor enkele auto’s op een parking vlakbij het voetgangersbrugje over de Semois.
Tijdens de weekends is er plaats voorzien 500 meter verder stroomafwaarts richting Thilay.
Het is hier blijkbaar de favoriete startplaats voor mountainbikers tijdens het weekend, waarmee de plaatselijke bevolking niet altijd even gelukkig is met de vele aantallen die plots hun slaperige dorpje overvallen.
Dus:
Is het wat drukker, respecteer de locals en parkeer wat verder, er is genoeg plaats in de Ardennen.
Onthou:
Hoewel de plaatselijken zich heel vriendelijk opstellen, we zijn hier nog steeds te gast.
Respecteer dus de plaatselijke gebruiken, een simple bonjour en een vriendelijke babbel doen wonderen.

We gaan best te voet over de voetgangersbrug, die ondertussen her en der aan restauratie toe is, om aan de overkant het fietspad Transsemoysienne te bereiken.
Rechtsaf, rustig fietsen tot in Nohan.
Hier bereiken we de D 31.
Linksaf deze “départementale” volgen tot aan ons startpunt in Bohan.

Over de brug direct rechts, het doodlopend straatje in die de Semois stroomafwaarts volgt.
100 meter verder is er een Mariagrot, waar je de fiets onder het toeziende oog van de Heilige Maagd kan parkeren.

Vanaf de Mariagrot terug richting Bohan.
Rechtsaf bergop de Rue du Herdier volgen.
Na 200 meter rechts de wit/rode merktekens.
Een bospad naar omhoog nemen die onmiddellijk steil omhoog klimt naar een mooi uitzichtpunt met panorama op Bohan.

Een etappe die je dorrheen de uitgestrekte wouden van het “Parc naturel rérional des Ardennes”.
Bossen, klimmetjes ten voeten uit in een ongerept stukje natuur.
Alles lijkt hier plots heel ver weg.
Alleen de doortocht van Hautes Rivières herinnert je eraan dat er hier ook nog mensen wonen en werken.

2 hoogteverschillen te overbruggen op deze, waarvan de eerste kort maar steil is en de tweede wat meer in trappen klimt, maar langer duurt en hoger is.

De eerste gaat vanuit Bohan direct omhoog vanuit naar een ijzeren kruis die boven het stadje uitkijkt.
Slechts in afstand 700 meter ver, maar wel 70 meter hoogteverschil, dus 10 % naar omhoog.

De tweede klim begint na Hautes Rivières vanaf de Transsemoysienne naar de “Maison Forestière Champ Bernard”. De steilste strook is hier ook maar 1 kilometer ver en gaat een goede 100 meter naar omhoog.
Alweer zo’n 10 % gemiddeld.

Voor de curieuzeneuzen onder jullie, enkele oude cowboyverhalen over de tabaksmokkel.
We passeren immers de zogenaamde “Baraques”, waar vroeger de zoete geur van de Semoistabak langs de achterdeur ontsnapte.

In het laatse stukje België stond er vroeger een groots vakantiecomplex, les Dolimarts.
Niet alleen leden van de socialistische Bond Moyson, maar ook Fransen uit de omgeving houden mooie herinneringen over aan deze verlaten plek.

Lees ook over de vroegere tramway, het huidige fietspad.
We bespreken ook het Duitse mei-offensief van 1940 die door deze vallei passeerde.
Monthermé speelde samen met Sedan een belangrijke rol.

Tenslotte een kort overzicht van Charleville-Mézières, de prefectuur van het departement 08 (Ardennen).


Deze etappe is ongeveer 15 kilometer en vonden we genoeg gezien het toch wel geaccidenteerde parcours.
Onze tijd in beweging was ongeveer 3 uur 1/2, maar wandelen is ook genieten, foto’s maken, een praatje slaan en genoeg rustpauzes nemen.
Wanneer je op deze manier stressless wandelt, ben je al vlug 3 uur langer onderweg.
Tel daarbij nog de verplaatsing auto/fiets en de dag is vlug gevuld.

ETAPPE 2

Tournavaux – Monthermé

De auto kun je normaal gesproken parkeren in de omgeving van de brug in Monthermé.

Een leuk fietstochtje volgt via de Transsemoysienne.
Terug naar Monthermé centrum fietsen via de Rue Pasteur.
Bij een raar puntje kies je voor de meest “logische” oplossing, min of meer rechtdoor, dat is de Rue André Compain en gaar richting Bogny S/Meuse.
Je passeert een grote fabriek, de SEFAC, op je rechterhand.
Links heb je een schooltje en even verder zie je ook links Laval Dieu, een vroegere abdij.

je rijdt nu op de D1 en passeert weldra een eerste brugje.
50 meter verder bij een tweede brugje, sla je linksaf 180°, en dit nog vóór de Carrefour.
De Semoys stroomt hier via 2 rivierbeddingen in de Maas.

Even verder een parkje waar een fotootje van de abdij gepast is.

Volg de Transemoysienne tot boven Tournavaux.
Daar waar het fietspad rechtdoor het baantje oversteekt ga je best naar links en bergop.
Bij de D31D aangekomen terug linksaf naar omhoog tot op de D 31.

Wij zijn gestart aan de D31.
De wit/rode tekens staan links van een (gesloten) restaurant.

Zij die voluit voor de GR 16 kiezen, fietsen door naar Naux via Thilay, waar ze kunnen starten aan het voetgangersbrugje.
Dit alternatief is dan we 2 kilometer langer wandelen.

Tijdens deze etappe blijf je de hele tijd in de bossen wandelen.
Enkele klimmetjes leiden je naar de hogere toppen ten noorden van de Semoyvallei.
Op het einde loop je langs een corniche boven de vallei van de Maas om te eindigen in Monthermé, gelegen aan één van de mooiere meanders van deze rivier.
1 woord tijdens deze etappe: NATUUR.

Na de start eerst geleidelijk naar omhoog om dan steil in 800 meter naar de Roc La Tour te klimmen.
Hoogteverschil bedraagt ongeveer 200 meter.
Moest je kiezen om in Naux te starten wordt het iets heftiger, dan bedraagt het hoogteverschil 120 meter extra.

Een tweede klim krijg je na 7 kilometer.
Je overbrugt ca. 120 meter hoogteverschil tussen “la Roche à 7 heures” en het uitzichtpunt op “la Longue Roche”, meteen het hoogste punt op de wandeling.
De vlag van Monthermé wappert er boven een rustbank.

Vanaf hier een afdaling van een drietal kilometer naar de Maas.

Afstand van deze etappe is ongeveer 11 kilometer.
Je wandelt voor bijna de volle 100% langs bospaden.
Enkele mooie uitzichtpunten onderweg, kortom een etappe voor natuurliefhebbers.


PLAATSELIJKE LUS Monthermé – Château-Regnault

De rots van de 4 heemskinderen en de rots der 7 dorpen

Gemakkelijk parkeren nabij de abdij van Laval Dieu, Rue Remacle de Lissoir, een zijstraatje van de Rue André Compain rechtover de SEFAC fabriek.

Ga linksaf wanneer je van de parking komt en volg de D1 richting Bogny S/Meuse.
Ga over de 2 vertakkingen van de Semoy.

350 meter verder net vóór het bord ‘la Vinaigrerie” ga je linksaf 180° de “Route de Tournevaux” in, waar je na 50 meter rechtsaf, terug 180° een pad neemt die je direct omhoog leidt in het bos.

Het Parc Naturel Régional des Ardennes ten voeten uit.
Mooie uitzichtpunten op de vallei van de Maas, van op de rotsen van de 4 Heemskinderen:

De spoorwegbrug over de Maas, waarna de sporen in een tunnel verdwijnen.
Beneden de brug het gehuchtje Vannelles, aan de overkant van de Maas een oude leisteengroeve.
Een schuine streep tussen de bomen langs waar vermoedelijk de leistenen naar beneden werden gebracht.

Net voordat je afdaalt naar het standbeeld van de 4 Heemskinderen naast hun ros Beiaard, een weids uitzicht richting Bogny.
Bij het standbeeld een panorama op Château Regnault en op een afgesloten meander van de Maas aan de overkant.
De oude Maas liep àchter de heuvel ten zuiden van Château Regnault.

Nadat je in Château Regnault via de andere oever terugkeert naar Monthermé alweer 2 mooie uitzichtpunten:

Rocher de l’ Hermitage waar de jongste van de 4 Heemskinderen zijn zwaard ten hemel richt (standbeeld) en infobord met een heldendaad van het plaatselijke verzet (zie CURIEUZENEUS).

Rocher des 7 Villages, een ietwat kitscherige point de vue, maar wel een mooi zicht op de rots van de
4 Heemskinderen.

2 beklimmingen op deze wandeling.

De eerste op de rechteroever van de Maas richting Château Regnault gaat vrij geleidelijk door het bos tot aan de rotsen van de 4 Heemskinderen?
Je klimt van 185 meter tot op maximum 320 meter, dus 135 meter hoogteverschil.
Alleen de passages aan de rotsen zelf zijn wat avontuurlijker, waarbij er wat hogere trappen moeten genomen worden mits wat hulp via takken en rotspunten geen probleem.
De afdaling is kort maar steil.

De tweede beklimming is dan weer wel wat nijdiger.
Van 190 meter klim je tot op zo’n 400 meter hoogte en best wel steil tot aan het standbeeld van de ridder.
Daarna gaat het geleidelijk naar beneden gedurende een vijftal kilometer tot je weer de Maas bereikt.

De wandeling is “slechts” 11 kilometer lang, maar durf ik best wel pittig te noemen, er zitten ongeveer 4 klimkilometers in.
Ongeveer 80 % bospaden, soms wat moeilijker terrein zodat doorstappen op sommige stroken niet mogelijk is.
Wij waren 3 uur in beweging en deden er pauzes inbegrepen toch 5 uur over.


Een algemene veiligheidsregel die geldig is in de Franse- maar ook bij ons in de Belgische Ardennen:

LET OP TIJDENS HET JACHTSEIZOEN !!!

INFORMEER JE EVENTUEEL OVER GELDENDE JACHTPERIODES EN NEGEER NOOIT DE WAARSCHUWINGEN OP DE INFOBORDEN !!!

BATTUES:
zijn klopjachten, meestal op groot wild = schieten met grof kalieber (everzwijnen, herten, …)
Honden, of lawaaimakende “lopers” jagen het wild op naar een dreef waar verschillende jagers op een lijn staan af te wachten.
APPROCHE-AFFUTS:
is eerder jacht op klein wild.
De jager zit verscholen of in een mirador en schiet zijn prooi wanneer die zich binnen zijn bereik bevindt.

ONTHOU:

DE GELE BORDEN ZIJN WAARSCHUWINGSBORDEN, lees dus goed de data en/of uren van jacht!

DE RODE BORDEN ZIJN VERBODSBORDEN, lees de data/uren en keer eventueel onmiddellijk op je stappen terug.

TIP:

Hoewel de Ardennen zeer mooi zijn in het najaar, maar ……..
Vanaf oktober tot eind februari zijn de topmaanden voor de jacht.


IN DIE PERIODE BESCHOUWEN JAGERS DE WOUDEN ALS HUN SPEELTUIN.
WANDELAARS OF MOUNTAINBIKERS ZIJN INDRINGERS DIE HIER NIET THUISHOREN.

Lente en zomer bieden de meeste kans op mooi weer, maar zijn ook de veiligste wandelmaanden.
Herfst en winter zijn mooi, maar niet alleen de jacht kan je wandeling dwarsbomen.
Regen, modderige passages, hoge waterstanden en vrieskou kunnen misschien wel uitdagend klinken, maar kunnen ook serieuze spelbrekers worden!
Kies dus je moment!