9 april 2022

Roussillon

De Roussillon binnen het huidige Frankrijk:

Het voormalige Graafschap Roussillon-Cerdagne zoals beschreven in de rubriek “Curieuzeneus”,  komt ongeveer overeen met het huidige departement Pyrénées Orientales (66) en maakt deel uit van de regio Languedoc-Roussillon.
De regio Languedoc Roussillon is dan weer een heel stuk groter en beslaat 5 departementen.

Voor diegenen die het niet zo goed meer kunnen volgen, ziet Frankrijk er momenteel zo uit.


Door de grotere regio’s zijn veel mensen op het platteland niet zo content meer, doordat ze nu nog grotere afstanden moeten ondernemen om iets gedaan te krijgen in een verder gelegen centrum die soms 250 Km van hun woonplaats is verwijderd.
Waarschijnlijk gaat het centraal bestuur er van uit dat iedereen aangesloten is op internet en bovendien over de kennis en de middelen beschikt om wegwijs te raken in de centraal gestuurde digitale fantasiewereld!
Leve de vooruitgang!!!

Maar kom, we gaan naar het diepe zuiden, we stoppen de ambetante vragen en gaan positief door het leven, zonder cynisme, maar soms toch met een klein beetje “boerenverstand” en een gezonde kritische kijk.

Eerste kennismaking

De Roussillon is immers een prachtig land om te ontdekken, er zijn niet zoveel regio’s die op zo’n beperkt gebied zoveel variatie in landschap en cultuur kunnen aanbieden.

Wanneer je langs de A9 de laatste helling van de Corbières naar de vlakte afdaalt, waar de étang de Leucate een laatste buffer tegen de zee vormt, verschijnt daar plots in al zijn glorie de Olympus van de Roussillon.
Het dominante massief van de Canigou, het hoogste baken in Frans Catalonië, een reus die respect afdwingt en steeds imposanter wordt.

Links de Albères die zich abrupt in zee storten, aan de overkant het droge Spaans Catalonië, de regio Emporda.

Ik nodig jullie uit, om een landschappelijk en cultureel rijk gebied te ontdekken.
Een ultiem stukje Frankrijk, gescheiden van het andere Catalonië door de Pyreneeën, die zijn wortels niet kan verloochenen door een lange geschiedenis van over en weer marchanderen, marcheren, aanvallen en verdedigen met als scheidsrechter dit donkere gebergte binnen handbereik.

Roussillon wandelparadijs

Begin 2022 hebben we een stukje Vallespir en Côte Vermeille verkend.
We logeerden in de omgeving van Céret en ontdekten er de prachtige wandelgebieden tijdens een aarzelende vroege lente.


In het “Bureau de Tourisme”, kochten we er het wandelboekje “Vallespir” editie 2017.
We ondernamen er een 10-tal wandelingen, allemaal geel gemarkeerd, die je via onderstaande knoppen kunt ontdekken.
Je krijgt er wat meer actuele en praktische info aangereikt, zodat je de wandelingen wat beter kunt inschatten.

We hebben ook een GPX-track voorzien per wandeling, tik hiervoor op het blauwe icoontje en je krijgt reeds een eerste indruk met wat foto’s, een kaartje en een routebeschrijving.


Nadat je de OUTDOOR ACTIVE APP (is nog steeds gratis) hebt gedownload kun je de wandeling op je telefoon volgen.

https://www.outdooractive.com/en/

LES CLUSES

Wandeling van een goede 9 Km, die vertrekt van uit een klein dorpje beneden de Col van Le Perthus, de grote grensovergang naar Spanje.


Je loopt er enkele keren onder de grote autoviaducten door en ontdekt een Romaans kerkje en de ruïnes van een vroegmiddeleeuwse burcht.
Je komt ook vlakbij de vroegere douanepost op de autostrade en het hogergelegen monument ter ere van de 2 Cataloniën.


Geen al te zware beklimmingen
maar toch een aantal mooie panorama’s.

WANDELING ALBERES LES CLUSES

GPX LES CLUSES

Céret

Dit pittoreske stadje is de hoofdplaats van de Vallespir en is echt wel een bezoekje waard.

Meer info in de rubriek Vallespir vind je verder op deze pagina.

Klik op de blauwe knop voor de GPX track hier onder en je wordt uitgenodigd voor een stadswandeling.

GPX CERET STADSWANDELING

OP BEDEVAART NAAR SAN FERREOL

Ook hier een wandeling van een goede 8,5 Km.


Vertrek aan de “Duivelsbrug” aan de rand van Céret.
De wandeling verkent het lage gedeelte van “les Aspres”, een zeer dun bevolkte streek.
Je gaat op “bedevaart” naar het Heremietenklooster van San Ferreol, een afgelegen kapelletje op een heuvel tussen de kurk- en de groene eiken.
Onderweg is er tijd voor meditatie, op honderden bordjes in de bomen en op stenen staat een portie poëzie te lezen
.

Geen al te moeilijke beklimming (210 meter klimmen), beloond met mooie panorama’s op Céret, de Roc de France, Roc St Sauveur en het alomtegenwoordige…….Canigoumassief.

WANDELING CERET ASPRES SAN FERREOL

GPX SAN FERREOL

PANORAMAWANDELING IN “les Aspres”

We starten in Vivès een klein dorpje in de lage “Aspres”, ten noorden van St Jean Pla dels Corts.

Een wandeling van 10 Km, een hoogteverschil van 210 meter te overbruggen onderweg, maar helemaal niet lastig.
We wandelen meestal op “pistes D.F.C.I.”, dit zijn grindwegen die werden aangelegd om branden onder controle te houden en meestal ook voorzien zijn van grote waterreservoirs.

Dit is een echte panoramawandeling.
Een oriëntatietafel waar de bergen op keramiek staan geschilderd, met de vermelding van de bergtoppen, geven een mooi overzicht van Albères tot Canigou.

Je passeert een Romaans kapelletje in St Jean Pla dels Corts en even verder het mooie “Bardoukasteel” van Aubiry.

WANDELING LES ASPRES VIVES

GPX VIVES

DE VALLESPIR TEN VOETEN UIT

Om op een balkon te geraken, komt er wat klimwerk aan te pas (totaal hoogteverschil van 328 meter).
Maar van op een balkon wordt je steeds beloond met een mooier uitzicht.


De wandeling volgt de wispelturige loop van de Nogareda, een bergriviertje met watervalletjes.
Een stevig klimmetje tot aan de Mas d’ En Poble, waar je van op een rustig plekje het massief van de Catalaanse reus kunt aanschouwen.

Een wandeling van 9 Km, wat meer inspannend, maar compensatie met prachtige plaatjes op Céret en de Canigou.

WANDELING BALCON DE CERET

GPX BALCON de CERET

WANDELING DOLMEN DE SIUREDA

Dit is een “heen/terug dezelfde weg wandeling” van om en bij de 10 Km. in totaal, naar een dolmen in the middle of nowhere, trouwens langs een privéweg alleen voorbestemd aan wandelaars.


Natuur is de hoofdrolspeler, niet al te veel vergezichten, maar bos ten voeten uit.
De beklimming is niet zo lang, maar er zit een stukje steil bospad in met puntige rotsen waardoor het wat lastiger stappen is.

Onderweg kun je een zijsprongetje maken van zo’n 300 meter naar een vroeger seintorentje: Tour de Bel Oeuil.

WAAR KOMT KURK VANDAAN ?

Wandeling van naar keuze 10 of 14 Km. vanuit Maureillas.
Geen al te zware beklimming (ca. 200 meter hoogteverschil).


Vertrek aan het kurkmuseum van Maureillas.
De wandeling biedt vooral rustige natuur, in een omgeving van kurkeiken en groene eiken.

Verwacht geen overweldigende panorama’s, maar eerder beperkte doorkijkjes op Le Boulou, de Albères, Céret en af en toe Canigou.


Een goede wandeling om mee te starten in de Vallespir, alvorens het pittiger werk aan te vangen.

WANDELING MAUREILLAS

GPX MAUREILLAS

MAUREILLAS – LAS ILLAS de vluchtweg naar de verbanning

La Retirada is eerder een themawandeling.

We trekken onze schoenen aan en volgen wat ze hier noemen “la route de l’exil”, in het spoor van honderdduizenden Republikeinen die Spanje begin 1939 verlieten op de vlucht voor het regime van Franco.


Velen zijn in de streek gebleven, ongeveer 1/3 van de bevolking in het departement Pyréneés Orientales heeft Spaanse roots.

Trek er gerust een dagje voor uit, de wandeling is 13 Km en er is ongeveer 460 meter klimmen te overbruggen.
Je passeert verschillende monumentjes, standbeeldjes en infoborden.


Een wandeling voor de “aficionados”.

WANDELING LA RETIRADA

GPX MAUREILLAS LAS ILLAS

Het Kustpad

Doordat het weer aan de kust dikwijls ietwat zonniger was, trokken we ook een drietal keer richting Côte Vermeile en volgden er stukken van de “Sentier Littoral”.
Een enig mooi stukje rotskust tussen Collioure en Cerbère.


Het leuke is dat je voor de heen of terugweg de buslijn 540 en 546 kunt nemen aan 1 Euro per rit.
Het deed me een beetje aan de kusttram denken.


Er rijdt ook een trein, maar denk er aan dat de stationnetjes wat verder van de wandelpaden liggen dan de bushaltes.


Via onderstaande knoppen ontdek je 1 stadswandeling in Collioure en

2 wandelingen langs de kust, de zogenaamde “sentier littoral”.

STADSWANDELING COLLIOURE: ontdek “les Fauves”

Een stadswandeling in het schilderachtige Collioure, waar het Fauvisme ontstond.
Leidraad zijn de replica’s van Matisse en Derrier, die je op verschillende plaatsen aantreft.

Neem afrit 13, de weg naar de “Corniche”. Er is een ruime betaalparking nabij het Fort van Miradou.
We dalen af langs smalle straatjes tot aan de kerk, waar we verrast worden door een rijk Barok retabel in bladhout.

Via het kasteel Rocasse kom je bij het kapelletje St Vincent. We volgen de kustlijn en komen bij de bekende vuurtoren, gaan langs het Fort (Château) Royal tot aan het strandje met palmbomen van El Botiguer, waar de oude Tour d’ Avall staat en komen even verder bij het voormalige klooster van de Dominicanen.
Het klooster is gesloten, maar het is tegenwoordig een proeverij van de bekende Banyuls, dessertwijn én te bezoeken.

We passeren het museum voor moderne kunst en klimmen naar een oude oliemolen.
Van hieruit kun je nog verder naar het kasteel van Elme (16e eeuw).


Voor de liefhebbers van ansjovis, de winkel van het huis Desclaux, aan het rond puntje Route d’Argelès – Av général De Gaulle, heeft ook een kleine expositieruimte.

WANDELING COLLIOURE FAUVISME

GPX COLLIOURE STADSWANDELING

Côte Vermeille

Persoonlijk vonden we dit één van de mooiste wandelingen langs de Côte Vermeille, hoewel ze best wel pittig is.
160 meter klimmen en 210 naar beneden klinkt niet indrukwekkend, maar het pad is nogal ruig en het is voortdurend klimmen, afdalen naar een baaitje, weer klimmen, …

De wandeling is ongeveer 9 Km. en voor de terugweg neem je gewoon de bus aan 1 Euro.
Zij die het zien zitten kunnen eventueel de wandeling in Banyuls Elmes beginnen, dat is 3 Km. extra en wat minder lastig dan de strook Paulilles – Port Vendres.

We zijn gestart in de baai van Paulilles, waar zich vroeger een dynamietfabriek bevond.
De expo hierover en de restauratie van de bootjes vonden we best interessant.

Je wandelt steeds langs de rotsen vlak naast de zee en duikt dus van baaitje naar baaitje.
Phare Béar is een mooi richtpunt.

WANDELING PAULILLES PORT VENDRES

Een aanvullende wandeling van in totaal 8 Km. in 2 delen:
Vertrek aan de baai van Paulilles en wandelen naar Banyuls Elmes.

Met de auto naar Banyuls centrum rijden om,
van Banyuls naar Cap de L’ Abeille, heen en terug te wandelen en daarna een bezoekje aan Banyuls
te brengen.

Tussen Paulilles en Banyuls, is het traject qua panorama’s vergelijkbaar met het vorige, alleen is het pad minder ruig.
Je passeert er onderweg een 19e eeuws fortje op de Cap Ullestrell.

De wandeling naar Cap de l’ Abeille is het mooist vanaf Cap du Troc.

Er is nog genoeg tijd voor een bezoekje aan Banyuls.
De kunstenaar Aristide Maillol en het oceanografisch instituut (vroeger Laboratoire Arago) zijn de 2 bakens van Banyuls.

In het instituut werden de eerste onderwaterfototoestellen gemaakt.
Banyuls was trouwens het eerste beschermde maritiem natuurreservaat in de wereld.

WANDELING PAULILLES BANYULS

GPX TRACK VOOR BEIDE WANDELINGEN, KLIK OP DE BLAUWE KNOP

GPX PORT VENDRES BANYULS


Geschiedenis, legendes & andere verhalen

Zoals jullie ondertussen al zullen hebben ontdekt, zijn we niet alleen wandelaars maar ook verschrikkelijke CURIEUZENEUZEN.
We houden van geschiedenis, sappige verhalen en legendes,

Interesse ??? Druk dan op de onderstaande knop.

CURIEUZENEUS ROUSSILLON

Tenslotte kun je hieronder al eens een kijkje nemen naar de foto’s door op de knop
“Virtuele rondleiding” te klikken.

VIRTUELE RONDREIS ROUSSILLON

Ontdek samen met ons deze prachtige streek!

We beginnen met een doorsnede van het reliëf, om deze streek wat te situeren.


De Roussillon vormt een vlakte waarin je als in een amfitheater naar de Middellandse zee kijkt binnen de brede
“Golfe du lion”.

Naar het westen toe loopt het amfitheater steeds hoger opwaarts naar de “Cerdagne” en “Capcir“, de vroegere zusters, die bij het Graafschap van de Roussillon behoorden.

In het zuiden vormen de “Albères” en Pyreneeën de grens met Spaans Catalonië.

http://paysages.languedoc-roussillon.developpement-durable.gouv.fr/pyrenees-orientales/fondements11.html

De huidige landstreek Roussillon wordt ingedeeld in 14 landregio’s.

https://www.les-pyrenees-orientales.com/Decouvrir/Regions.php


Corbières en Fenouillèdes


Zijn bergketentjes die de noordelijke grens vormen.
Langs deze keten van kalkrotsen kom je de burchten van de Katharen tegen.
Een aanrader trouwens is de fantastische wandeltocht “Sentier Cathare” GR 367, die vertrekt vanuit Port La Nouvelle (Narbonne) en je naar Foix leidt (Ariège).
https://www.ariegepyrenees.com/nl/preparer/randonner/itinerance-plusieurs-jours/sentier-cathare/

Salanque

Wanneer je de A9 neemt en de Corbières bent afgedaald, rij je langs een lagune.
Hou hier trouwens je stuur maar goed vast, want als “la Tramontana” hier waait durft je wagentje al eens een plotse zwieperd ondergaan, zeker met een licht wagentje als mijn “bagnolle”.
In de Languedoc heet de lagune “de étang de Leucate”, maar in de Roussillon verandert de naam  in  “étang de Salses”.
Inderdaad je passeert het strategisch gelegen fort van Salses.

Nu kom je pas echt in de Roussillon, de Albères blinken in de zon, en ietwat rechts torent autoritair het massief van de Canigou als een Olympus boven de vlakte uit.

We zijn aangekomen in de Salanque.
De naam komt voort uit “Sal Lanque”, wat zoute aarde betekent.
Dit duidt op een gebied die regelmatig eens door de zee overspoeld is geweest.
Deze streek is biljartvlak.
Fruit en groenten en vooral de zoete aperitiefwijn van Rivesaltes zijn hier kenmerkend.

De Salanque vormt het Noordelijke deel van de
“Plaine du Roussillon”.


Deze vlakte is het uitstroomgebied van 3 rivieren die van West naar Oost in de Middellandse zee uitmonden.

De Agly in het noorden, die langs de Fenouillèdes stroomt.

De Têt

situeert zich in het midden van de vlakte en bevloeit de vruchtbare vallei van de Ribéral.

De Tech

in het zuiden is de levensader die doorheen de vruchtbare Vallespir stroomt.

De Fenouillèdes.

De Agly heeft zich een weg doorheen de Fenouillèdes gegraven, waarvan het spectaculairste gedeelte zich ten noorden van St Paul de Fenouillet bevindt, met name de Gorges de Galamus.

De bronnen van de Agly bevinden zich op de bergflank van de Pech de Bugarach.
Deze top bevindt zich reeds in het departement Aude (streek Corbières).
In de streek wijzen ze deze berg als de scheidsrechter van natte Atlantische en drogere Mediterrane luchtstromingen.

Opmerkelijk zijn de bijriviertjes de Maury en de Boulzane die naar het Westen toe in een steeds smallere vallei stromen en de natuurlijke grens vormen tussen Fenouillèdes en Corbières.
Op dit smalle bergketentje vind je langs deze route de schitterende burchten van Quéribus en Peyreperthuse.
(zie Sentier des Cathares).


Cerdagne – Capcir

De Têt is de langste rivier van de Roussillon.

Hij vindt zijn oorsprong hoog in de bergen van de streek Capcir genaamd,
 aan het Lac de Bouillouses (2.000 meter).
Fervente wandelaars zullen dit kennen als een etappe op de GR 10, waar zich de gelijknamige berghut bevindt.

https://www.mongr.fr/trouver-prochaine-randonnee/itineraire/gr-10-la-traversee-des-pyrenees-de-hendaye-a-banyuls

Het stadje Mont Louis in de vallei ligt op het scharnierpunt.



Capcir is noordelijk,

Cerdagne is zuidelijk van Mont Louis gelegen en loopt eigenlijk door over de grens met Spanje, of liever Catalunya.
Zowel Cerdagne als Capcir zijn echte berggebieden.

Beneden bij het stadje Mont-Louis, zo genoemd naar Lodewijk 14 die hier een knoest van een fort liet bouwen door zijn militaire architect Vauban, stroomt de Têt doorheen een smalle vallei richting via Olette en Villefranche-de-Conflent naar Prades.

Conflent

De Haut Conflent

Ligt ten zuiden van de Têt en bevat het volledige Canigoumassief.

De Bas Conflent

Is de vallei van de Têt en de streek iets noordelijk, hoewel “Bas” hier zeker niet vlak wil zeggen.


De naam Conflent komt allicht van “samenvloeiing”.
Er komen hier nogal wat riviertjes naar beneden gedonderd in de Têtvallei.

Een toeristische beleving in de zomermaanden is de kanariegele trein, “le petit train jaune”,

Hij vertrekt in Villefranche-de-Conflent en klimt gestaag door via Font Romeu (Olympisch dorp met parabole zonnespiegel) tot Latour-de-Carol 63 Km verder in Cerdagne en tegen de Spaanse grens.

Mosset: oude bakoven

https://www.tourisme-pyreneesorientales.com/le-train-jaune-0

Enkele mooie pittoreske dorpjes onderweg ten Noorden van de Têt zijn
Mosset, waarbij je Molitg-les-Bains passeert, een oud kuuroordje.
Eus op de baan Vinça-Prades werd helemaal tegen een heuvel aan gebouwd.
 

EUS

Ribéral


Ribéral slaat op “geïrrigeerd land”

Deze vruchtbare vallei is bij uitstek een fruitstreek: perziken, abrikozen en kersen zijn de tenoren.
Tot in november wordt er sla gekweekt buiten onder de fruitbomen.
Een heel net van irrigatiekanaaltjes zorgt voor een doordachte watertoevoer.

In het voorjaar en zomer het land van melk en honing!

Ille S/Têt en Millas zijn de grootste Catalaanse stadjes.
Nabij Ille, een mooie rotsformatie “les Orgues d’ Ille”.
Een uniek schouwspel van grillige formaties geërodeerd door wind, water en zon.
Ze worden ook wel “les demoiselles coiffées” genoemd vanwege hun “toupéetjes” met begroeiing op de top.

Ten zuiden van deze Ribéralstreek bevinden zich

Les Aspres

In tegenstelling tot Ribéral, betekent Aspre in het Catalaans dor, schraal, droog.

Eigenlijk zijn “les Aspres” reeds het lage voorgeborchte van het massief van de Canigou.
Het is een heel dicht begroeid gebied: Kastanjebomen, kurkeiken, groene eiken, maar ook garrigue met lage struiken.
Door zijn dichte begroeiing, smalle valleien en dito kronkelwegen is het een heel dun bevolkt gebied.

Een oude pelgrimsweg op weg naar Santiago loopt dwars door de Aspres en verbindt de vallei van de Têt (via Bouleternerre) met de vallei van de Tech (naar Céret) in de Vallespir.
Daarbij zijn 2 kleine Romaanse gebouwtjes wel eens de moeite om eens te bezoeken:
de Prieuré de Serrabonne  http://www.ledepartement66.fr/dossier/leprieuredeserrabona/

en de Kapel van La Trinité
https://www.tourisme-pyreneesorientales.com/chapelle-de-la-trinite/prunet-et-belpuig/pcular066v50ko2s

THUIR
LA TRINITE

De voornaamste plaats van les Aspres is Thuir.

Thuir is ook een leuk stadje waar zich de grootste wijnton van Frankrijk bevindt.

https://www.caves-byrrh.fr/

Een ander typisch dorpje, wel wat meer toerisme in de zomer, is Castelnou.

Zuidelijk van de les Aspres bereik je,

De Vallespir

Het is de streek rond de meest zuidelijke West-Oost gerichte rivier van de Roussillon: de Tech.

Ook hier onderscheiden we 3 gebieden in dezelfde streek.

Haut Vallespir

De Tech begint zich hier al wat meer rond bergjes te kronkelen.
ten Noorden van de Tech gaat het al serieus steil omhoog richting Canigoumassief.
Op de flanken van het Canigoumassief bevonden er zich vroeger verschillende ijzermijnen.
Een prachtige streek om te wandelen.

Je vindt er de typische bergdorpjes Montferrer en Corsavy.
http://www.tourisme-haut-vallespir.com/villages/corsavy/

Een wat avontuurlijk wegje D43 vanuit Corsavy naar de Col de la Descarga (1.393 m) is een aanrader, rij nog wat door tot aan de “Refuge Batère”, op het einde van het asfaltwegje zijn er enkele parkeerplaatsen, om van hier uit de ijzermijnen te ontdekken van Batère en La Pinouse.

Tour Batère is eveneens een oude seintoren, een opvallend baken en goed oriëntatiepunt.

2 Documentjes met wat info over de vroegere ijzermijnen:
 http://www.inventaires-ferroviaires.fr/hd66/66221.a.pdf

http://www.sauvegardetourdebatere.org/la-tour-de-batere/

Dagwandelideetje:

Een langere  luswandeling van 14 Km vanaf de Col de Paloumère naar de oude ijzermijnen van Batère en La Pinouse kun je ook ondernemen vanuit “les Aspres”.
Tussen Prunet-et-Belpuig en St Marsal kun je rechtsaf naar La Bastide.
Halverwege La Bastide en Valmanya vind je de Col de Paloumère.

http://randonnees-pyrenees-orientales.e-monsite.com/pages/pyrenees-orientales/vallespir/palomere-mines-de-fer-de-la-pinouse-pic-de-l-estelle-tour-de-batere.html

De Haut Vallespir wordt gerekend vanaf de Col d’ Ares, grensovergang naar Camprodon in Spanje,
tot een 5-tal Km vóór Arles sur Tech.
Ten Noorden van de Tech heb je al zicht op het middengebergte 1000-1800 meter.
Ten zuiden van de rivier richting Spanje is het wat minder hoog 800-1200 meter.

Typisch voor deze streek zijn de oude seintorens, zendmasten voor GSM waren er toen nog niet:

Tour de Mir, aan de Spaanse grens moest het Fort Lagarde van eventueel onheil verwittigen.


Wandelideetje zie link hieronder:
https://www.tourisme-pyreneesorientales.com/la-tour-de-mir


Tour de Cabrenc, ook aan de Spaanse grens tussen Lamanère en Serralongue is ook zo’n oude “zendmast”.


Wandelideetje zie link hieronder:
https://lamanere.fr/wp-content/uploads/2020/09/tours-de-cabrens.pdf

In Corsavy staat er nog ééntje1 Km westwaarts van het dorp.

De Tour Batère, zie uitleg ijzermijnen, hebben we reeds vermeld.

Midden Vallespir

Tussen Amélie les Bains en Arles sur Tech komen we in een iets bredere vallei.
De omliggende bergen zijn al wat lager, maar nog steeds dicht begroeid.

Enkele kilometers stroomopwaarts van Arles sur Tech, is er een bijzonder smalle rotskloof, die je alleen te voet kan bezoeken:
“Les gorges de la fou”.

In 1928 werd er een pad aangelegd doorheen de kloof, zodat dit natuurwonder toegankelijk werd  voor het grote publiek.
Vóór deze aanleg werd deze plaats gemeden, vanwege enge verhalen over heksen en geesten.
Het was halverwege de jaren 1800 dan ook de ideale schuilplaats voor de “Trabucayres”; een roversbende en beroepssmokkelaars die hier de streek onveilig maakten.
Zij waren eerder praktisch gericht dan bijgelovig.

Zie rubriek CURIEUZENEUS.

Amélie les Bains


is een kuuroord waar water tussen 47 en 62°C via 7 bronnen uit de bodem ontspringt.
Het is dus nog aangenaam warm na afkoeling, en bevat veel zwavel.
Prima voor de reumapatiënten en voor de ademhalingswegen, deze laatste zin heb ik letterlijk uit de folder overgenomen, ik vertel dus als een echte roddeltante hún waarheid door.
Voor alle duidelijkheid: ik heb geen aandelen in deze uitbating.

Dit warme water duidt op ondergrondse activiteit.
Begin jaren 1900 hebben ze hier 3 aardbevingen meegemaakt.
De Afrikaanse plaat duwt nog steeds tegen de Europese en geeft regelmatig eens een schok(je) in de streek.

Amélie is pas in 1942 een onafhankelijke gemeente, voordien noemde dit hier “Els banys d’Arles”
(de baden van Arles) en vanaf de bouw van het fort van Vauban noemde men het hier
“Fort-les-Bains” en behoorde bij Arles sur Tech.
Ze kreeg haar naam Amélie halverwege jaren 1800, omdat de toenmalige Franse koningin hier ook eens een deugddoend badje heeft genomen.

Bas Vallespir

Vanaf Céret komen we aan in alweer een vruchtbare vallei, die doorloopt tot Le Boulou nog een ander kuuroord.
Vanaf Le Boulou kom je terug in de vlakte van Roussillon.
De Tech kabbelt hier op zijn gemakske richting Middellandse zee om tussen St Cyprien en Argelès in zee uit te monden.
Er loopt hier een irrigatiekanaaltje van Arles naar Céret, die we trouwens tegenkomen op onze “Balkonwandeling” in Céret.


Vanaf Céret loopt de weg bijna pijlrecht naar Le Boulou, aan weerszijden van de weg zien we kersenbomen.
Pijlrecht duidt hier in dit geval op de oude spoorweglijn Elne – Arles, de autoweg volgt deze lijn parallel.
De Bigarreau Burlatkers die hier zeer vroeg rijpt (eind mei – begin juni) is dé lekkernij van Céret, hoewel men hier ook wel plannen smeedt om kiwi’s aan te planten doordat de kersen bedreigd worden door uitheemse insecten.

Céret is een aangenaam oud pittoresk stadje.
De toegangspoort van het oude stadsdeel, de Porte d’ Espagne, is nog een restant van de vroegere stadsomwalling.

In het oude stadsdeel vind je ook nog de “Fontaine des 9 jets” (fontein van de 9 waterstralen), deze dateert van de periode van het koningshuis Mallorca (1313).



In de 15e eeuw werd er een leeuw aan toegevoegd tijdens de regeerperiode van Ferdinand 2 van Aragon.
Ferdinand had door zijn huwelijk met Isabella een personele unie over Castilia y Leon, vandaar de leeuw.


Wanneer echter de Roussillon bij Frankrijk komt na het verdrag van de Pyreneeën (1659), wordt er op de sokkel een latijnse tekst gebeiteld: “ VENITE CERETENS LEO FACTUS EST GALLUS”.
Wat vrij vertaald wordt als: “Kom mensen van Céret, de leeuw is een haan geworden”.
Er werd geen detail overgeslagen, het hoofd van de leeuw werd gedraaid en keek richting Frankrijk!

PS: Ze hebben enkele jaren geleden onder Catalaanse invloed, het beest terug gedraaid!

LEES MEER HIEROVER IN DE GESCHIEDENIS VAN CURIEUZENEUS.

Nog een ander Middeleeuws bouwwerk is de duivelsbrug, Pont du diable over de Tech (1321).

De brug die meest stroomopwaarts staat is een oude spoorwegbrug die gebouwd werd voor de vroegere spoorweg Arles sur Tech – Elne.

De sporen liggen nog tot aan het kasteel van Aubiry, 1 van de 3 kastelen die “Godfather Bardou” van het sigarettenpapier JOB voor zijn kinderen liet bouwen begin jaren 1900.
Een ander kasteel is dit van Valmy ter hoogte van Argelés.

https://www.grandsudinsolite.fr/2460-66-pyrenees-orientales-pierre-bardou–l-industriel-et-ses-chateaux.html

Voor de cultuurliefhebbers onder ons, is er nog het museum voor moderne kunst hier in Céret.
Céret gaat er prat op dat Pablo Picasso en Georges Braque hier verbleven, Céret werd de stichtende bakermat van het Kubisme.
Het museum is gevestigd in een oud Karmelietenklooster en ging net terug weer open in maart 2022.
Er is een pleintje gewijd aan Picasso, nadat hij in 1953 aan het museum een serie kunstwerken schonk.

Op het pleintje staat er sedert 2013 een keramiekfontein.
Op dit pleintje kondigde in 1965 Dalí zijn huwelijk aan met Gala onder een grote kartonnen neushoorn.
Zoals we van hem konden verwachten, kwam hij hier aan in een koets met in zijn spoor een orkest, de brandweer, de voltallige gemeenteraad, kortom een hele stoet volgers.
Tenslotte kwam er nog een hele “act” met reuzevlinders en grote lieveheersbeesten rond een skelet met een bloem in de hand.
Er kwam een meisje uit het skelet en het bood Dalí een ruiker bloemen aan.
Na deze dolgekke “mise en scène” vertrok de meester met zijn stoet en nam in een goederenwagon de trein terug naar Perpignan.

Place Picasso
Picasso in september 1953 op het terras van le Grand Café, waar hij “La Sardane de la Paix” tekende.

Albères

Het massief van “les Albères” is eigenlijk gewoon een uitloper van de Pyreneeën.
Dit stuk van de Pyreneeën wordt zo genoemd tussen de Col du Perthus en de zee.

Deze Col is een lager gedeelte, een natuurlijke doorgang die reeds vele eeuwen in gebruik is als poort tussen Spanje en Frankrijk.
Hannibal op weg van Spanje naar Italië, Romeinen, Visigoten, Vandalen, Moren, Fransen, Spaanse Republikeinen op vlucht voor Franco, allen kenden die pas over de Pyreneeën.


Le Perthus, het walhalla van souvenirs, drank, sigaretten, kleding, juwelen, …..name it, ze hebben het!
Hoewel nu veel kalmer dan vroeger, ik herinner me de files eind jaren ’70, dampende auto’s, stapvoets vooruit strompelend, waar dampende passagiers met een rooie kop achter opengedraaide ramen aanschoven op weg naar de Costa Brava.
Ik herinner me de bleke velletjes die roze kleurden, blote voeten in teenslippers, klamme shorts en T-shirts die aan kunstlederen zetels kleefden, goedkope zonnebrillen die van je neus gleden, ….maar we speelden spannende luchtgitaar en bootsten eindeloze drumsolo’s na op dashboard of stuurwiel.
In Le Perthus knalde de euforie, ja toen hadden we ook reeds die “knaldrang”, na een nachtje Franse Nationals zonder verlichting en we zicht op Spanje kregen, ….
Nog een strenge controle van besnorde Guardia Civil in groen hemdje en hoekig hoofddeksel, totdat er een norse “Va” klonk en hun Vigneronmitraillette de doorgang naar La Junquera aanwees.

In de Albères zijn er praktisch geen autowegen, 1 kronkelbaantje naar de Col de l’Ouillat, de rest van de wegen lopen aan de voet van het massief.
Het is dus een prachtig wandelgebied!

Een tocht naar de Tour de Madeloc is echt wel de moeite voor de prachtige panorama’s op  La Côte Vermeille.
https://loeildeos.com/randonnee-tour-de-la-madeloc/

Een historisch stadje die de moeite loont om eens de afrit te nemen tussen Le Boulou en Argelès is St Genis-des-Fontaines.
Een heel oud kerkje, met één van de oudste “linteaus” van de Midi boven de deur en een kleine maar gezellige kloostergang.


Côte Vermeille

Sentier littoral (kustpad)

Dit is de rotskust tussen Collioure en Cerbère.
De Albères storten zich hier in de Middellandse zee en vormen enkele mooie kreekjes met kleine strandjes, die je te voet kunt ontdekken langs de Sentier Littoral Cerbère-Argelès (32 Km in totaal).
Anse de Paulilles gelegen tussen Port Vendres en Banyuls, is een zeer rustig baaitje, beschermd van de Tramontane.
Vroeger stond er hier een fabriek waar dynamiet werd vervaardigd (nu museum).

Peyrefitte bij Cerbère, is gelegen in het Mariene Natuurreservaat.

Voor de wandelaars die méér willen, is er de mogelijkheid om verder richting Spanje te wandelen langs de “Costa Brava Way”, een wandelpad die verder de grillige kustlijn volgt tot in Blanes.
Vanaf Cerbère krijg je 223 Km pad onder de voeten, waarbij je een groot stuk de GR 92 volgt

Collioure

Culinair


Is het stadje bekend voor zijn ansjovis, waarvan ze hier beweren de hoofdstad te zijn.

Een ander product waarmee ze zich hier onderscheiden is de wijn die hier in de streek verbouwd wordt op ontzettend steile terrassen.
De ondergrond is donkere leisteen wat uitzonderlijk de warmte capteert.
Een zegen voor de voeten van de oude wijnstokken wanneer je weet dat de zon hier gemiddeld 300 dagen/jaar schijnt.
De typische wijnstokken van de streek: Grenache (noir-blanc-gris), Syrah en Mourvèdre.



Collioure is in het zomerseizoen een heel druk bezocht toeristisch stadje
en was reeds in de Middeleeuwen een belangrijke havenstad, tijdens de periode van Aragon.
Het huidige fort die je vandaag ziet is vertimmerd door Vauban, en staat op de plaats van de vroegere zomerresidentie van de koningen van Mallorca.

De zon met zijn heldere lichtreflecties trok ook een kolonie vernieuwende kunstschilders aan begin 20e eeuw.
Van hieruit ontwikkelde zich o.a. het “Fauvisme”
Collioure werd op de kaart gezet  door de aanwezigheid van een hele reeks kunstenaars die hier kwamen schilderen zoals Matisse, Picasso, Dufy, Braque, Chagall, Signac, ….

Voor de liefhebbers zijn er:
het museum voor moderne kunsten en
het huis van het Fauvisme.
Via dit laatste, kun je een wandeling in het spoor van het Fauvisme volgen, ofwel volg je het parcours die wijnhebben gelopen.

Zicht op Collioure – Paul Signac

Link naar de bezienswaardigheden in en rond Collioure:
https://www.tourisme-pyreneesorientales.com/collioure

De typische Catalaanse bootjes, die vroeger gebruikt werden voor de vangst van ansjovis

Port Vendres

De verhalen over de stichting van Port Vendres door de Feniciërs of over de aanwezigheid van een Griekse Venustempel, konden archeologisch gezien nog niet bevestigd worden.

Wel zeker is dat Port Vendres door de Romeinen gebruikt werd als tussenstop bij slecht weer op de lijn Tarragona – Ampurias – Narbonne.
Cap Béar, de meest in zee vooruitstekende klif was namelijk een vrij gevaarlijk punt.

Collioure en Port Vendres waren tijdens de Middeleeuwen één.

Lodewijk 14 gaf aan zijn oorlogsarchitect Vauban de opdracht hier een aantal verdedigingen aan te leggen op Cap Béar en rond de Anse Gerbal om de haven te beschermen.
In de periode 1673 – 1700 werden de redoutes du Fanal en Béar gebouwd.

Het Fort St Elme in Collioure op de heuvel richting Banyuls werd 200 jaar eerder door de Spanjaarden gebouwd tijdens de regeerperiode van Keizer Karel (Ca. 1540).

Er werd begin jaren 1700 aan een nieuwe haven begonnen tijdens de regeerperiode van Lodewijk 14, maar de werken kwamen tot stilstand door o.a. de Spaanse Successieoorlog.
Het was pas en net vóór de Franse revolutie dat de renovatie van de haven af was en het stadje zijn huidige structuur en vorm kreeg.

Tijdens de 2e wereldoorlog wordt Port Vendres het centrum voor de verdediging tegen een eventuele geallieerde aanval op de Côte Vermeille.
Er worden een gordel zeemijnen aangelegd om duikboten op afstand te houden, er werden betonmuren gebouwd tegen een mogelijke invasie, maar ook een doorgedreven verdediging d.m.v bunkers in de buurt van de “Dynamiterie van Paulilles”, een Franse munitiefabriek.

Expo van de vroegere dynamietfabriek


https://fr.wikipedia.org/wiki/Dynamiterie_de_Paulilles

Port Vendres was in die periode ook een invoerhaven voor Spaans ijzererts.
Geallieerde duikboten maakten het vanaf 1943 steeds moeilijker om de haven van Port Vendres te bereiken.
In augustus 1944 verlieten de Duitsers uiteindelijk hun stellingen.
De hele buurt werd geëvacueerd, want ze lieten alle installaties en zeemijnen ontploffen.

Banyuls

Dit voormalige vissersdorp is tegenwoordig vooral gericht op toerisme en wijnbouw.

De vissers hier in de buurt hadden in de 17e eeuw een zeer lucratieve handel: smokkel.
Rijst, tabak, zout en suiker werden hier het meest taksvrij verhandeld.
Banyuls kreeg tijdens het regime van Lodewijk 14 nog steeds de bijnaam “Republiek van de smokkel”.

Totdat Lodewijk 15 hier 2 geschutstorens liet installeren, ééntje op de huidige marktplaats en een ander op de kaap, was de baai van Banyuls eigenlijk niet bewoond.
De plaatselijke bevolking woonde in het hinterland in versterkte woningen.
Van op de Col de Banyuls hadden ze een mooi overzicht van wat er zich op zee afspeelde en konden op die manier snel handelen.

Eind jaren 1700 verschaft de aanwezigheid van 2 oorlogsschepen in Port Vendres wat werk en neemt de smokkel wat af. Meer inwoners installeren zich aan de kust.

Met de komst van de spoorlijn in 1876, neemt de visvangst af en richt Banyuls zich op de wijnbouw en wat later ook op het toerisme.


Banyuls de zoete (dessert) wijn.

De AOC Banyuls (appellation d’origine) wordt verbouwd binnen de 4 kustgemeenten:
Cerbère – Banyuls – Port Vendres en Collioure.
De Banyuls kun je kopen als rood – rosé en wit en wordt voornamelijk gemaakt uit de Grenache wijndruiven met nog wat Macabeo, Muscat, Malvoisie en soms wat Carignan en Syrah.
De druiven genieten van een overvloedige portie zon, de wijnstokken staan op een leisteenbodem op heel steile percelen, zodat ze veel warmte houden.
Vandaar het hoge suikergehalte in de druiven, de most die gebruikt wordt moet hier minstens 251 gram suiker/ liter bevatten, het is immers een dessertwijn.

Banyuls is de enige zoete wijn die de vermelding “Grand Cru” op zijn etiket mag kleven.
Voor een Grand Cru worden alleen de beste Cuvées gebruikt die 30 maanden op houten vaten rijpen.

De vermelding “Hors d’âge” wordt pas toegekend het 5e jaar na oogst.
Bewaring, tot 20 jaar.
Santé, à la votre!

Côte Radieuse

Deze kustlijn loopt van de lagune van Salses tot Argelès sur mer.
Het is een laaggelegen gebied nat gebied die vroeger regelmatig onder water kwam, maar nu  vruchtbaar is gemaakt en waar er veel aan groenteteelt wordt gedaan.

Voor mooie zandstranden moet je hier zijn.
Dit is ook de reden waarom de stranden van Le Barcarès, Canet Plage, St Cyprien en Argelès heel druk bezochte vakantieplaatsen zijn tijdens de vakanties.

Het is ook de streek waar de Rivesaltes, een andere zoete wijn wordt verbouwd.

Rivesaltes klonk niet altijd even zoet.

Veel Republikeinen die over de grens waren gevlucht werden gevangen genomen en kwamen in deze omgeving in inderhaast opgetrokken barakken terecht.
Een donkere pagina in de Franse geschiedenis.
Vluchtelingen werden hier in mensonwaardige omstandigheden ondergebracht.
“La Retirada” (de vlucht van Republikeins Spanje), zoals we het nu noemen is een donkere pagina in de Franse geschiedenis, niet in het minst tijdens de oorlog toen het collaborerende Vichyregime van Pétain hier ook andere gevangenen onderbracht en vervolgens op transport zette bestemming Drancy ( NW van Parijs) van waaruit de treinen dikwijls verder spoorden naar o.m. Auschwitz.

Een plezierbezoekje is het niet het vroegere interneringskamp van Rivesaltes, het is eerder een plek van bezinning, een les in moraliteit die bij dezer begin 2022 terug brandend actueel is   ….

https://www.memorialcamprivesaltes.eu/